Vreemdelingen & vissenkoppen


​​

Afgelopen week was het al nieuws in Nederland. En vanochtend kwam zelfs de Belgische krant De Morgen ermee: vreemdelingen worden massaal weggepest uit de Haagse wijk Duindorp. Misschien schoten bij sommigen de wenkbrauwen omhoog bij deze berichten. Bij mij, als ex-Duindorper, zeker: waarom is dit nieuws?



Zes jaar woonde ik tussen de vissenkoppen. Ik was daar een zeldzame verschijning: een natuurlijke blondine, die er bovendien wat bleekjes uitzag. Dat valt op in een wijk waar een walm waterstofperoxide boven hangt en waar ’s avonds blauw licht uit de ramen schijnt. Ja, de eerste twee jaar lachte de buurtcassière niet tegen me. Maar daar bleef het bij.



Duindorp is een hechte gemeenschap. Dat voel je direct als buitenstaander. Als bleke blondine voelde ik me genegeerd, maar veilig. Zo werd mijn fiets - die niet eens op slot stond - gestolen en de volgende dag keurig teruggebracht. De scooterjugend - de standaard hangjongens op scooters op het Tesselseplein - zeiden me niks. Dat zou op elk ander Haags plein anders zijn geweest. Het was goed, al was het duidelijk dat er wat mis was.



In elke stad zie je weleens ergens een hakenkruis gekalkt. In de wijk Duindorp zie je dat op praktisch elke straat. Ten minste tot 5 jaar terug, toen ik er nog woonde. Ik woonde tegenover een basisschool in de hoofdstraat van de wijk, de Tesselsestraat. Op het schoolgebouw zag ik telkens op miraculeuze wijze een hakenkruis verschijnen en weer verdwijnen. De ene dag was hij verwijderd, de volgende dag stond hij er weer op gekalkt. De school is op één oudejaarsdag twee keer in de fik gezet. Maar misschien moet ik hier geen link zoeken: Duindorp verandert op oudejaarsdag sowieso in Belfast anno 1972.



Later zag ik een meisje met hoofddoek door mijn straat lopen met Duindorpse jongens achter haar aan. Ik stond voor het raam te wachten met mijn telefoon in mijn hand. De politie doet namelijk niets bij ‘slechts’ Hitlergroeten, daarvoor moeten eerst klappen vallen. Die bleven gelukkig uit. Weer later zag ik plots een Turkse bakker op het Tesselseplein, ik schat zo’n zes jaar terug. Ik vermoedde direct een serie van brandstichtingen, ingegooide ramen of berovingen. Maar niets van dat alles, althans, zolang ik er woonde. De bakker bleef bestaan, al vond ik zijn broden geen succes. Pas nu is hij weg. Na brand.



Volgens de berichten ziet woningcorporatie Vestia sinds eind vorig jaar een ware vreemdelingenhaat ‘opflakkeren’. Die haat is er echter al decennia, en gaat volgens mij terug tot de oplevering van de wijk in 1930. Niets nieuws dus. Het echte nieuws is dat Vestia met de handen in het haar zit en politieke steun zoekt. Maar dat zag ik al aankomen.



Vestia en Duindorpers gaan namelijk al jaren niet samen. Ik ben oprecht verbaasd dat nu pas Vestia-medewerkers aangifte doen tegen Duindorpers. Toen ik er woonde, was de corporatie namelijk bezig met wijkvernieuwing: een groot deel van de wijk werd ontruimd, platgelegd en - vooral na mijn tijd - opnieuw opgebouwd. Vele Duindorpers werden uit hun verkrotte huizen gezet en moesten verplicht elders wonen. De hechte Duindorpers waren daar al woedend over. Nu is de wijk klaar, maar de hereniging met de oude Duindorpers is uitgebleven. Wel kwamen daar bakken vreemdelingen en zelfs allochtonen (en Barbie, al werd daar keurig een petitie tegen opgestart)! En dat trekken de vissenkoppen niet, want zo zien ze hun Duindorpse groepsidentiteit langzaam opgaan in die nieuwe melting pot die nog altijd Duindorp heet.



Wat staat burgemeester Van Aartsen te doen? Oude Duindorpers op hun flikker geven? Ja, dat kan en is logisch. Maar ik denk dat Van Aartsen vooral op wijkverbroedering moet inzetten. Mensen willen altijd ergens bij horen. Help die oude Duindorpers daarom aan een nieuwe groepsidentiteit, waarbij hun nieuwe buren ook passen. Voetbal is bijvoorbeeld ‘best groot’ in Duindorp. Organiseer een kebab-wijkbarbecue tijdens het WK. Of misschien moet Van Aartsen eerst vooral met Vestia gaan praten. Want hoewel ik Vestia goed begrijp: boze mensen kalmeer je niet door uitgebreid over hen te klagen in de media.




Beeld: die geweldige illustratie is van Rein Stuurman en vormt de cover van een kinderboek uit 1935. Zie hier.

Andere schrijfsels